Artikel
11 mrt '22
11 maart '22
8 min

Skillspas­poort wenselijk en kansrijk, maar nog veel haken en ogen’

Wanneer inzichtelijk is wat mensen (zouden moeten) kunnen in bepaalde banen en beroepen, zou de snel veranderende arbeidsmarkt beter functioneren. Het skillspaspoort kan hiervoor een nuttig instrument zijn. Maar zo’n paspoort moet dan wel voldoen aan een aantal belangrijke randvoorwaarden. De initiatieven zijn bovendien te versnipperd. Het instrument krijgt pas publieke waarde als werkgevers, werknemers en onderwijsinstellingen het daadwerkelijk erkennen en gebruiken.

Hafid Ballafkih, projectleider van het rapport ‘Vrij reizen over de arbeidsmarkt’, waarin onderzoek wordt gedaan naar het skillspaspoort, vertelt over de kansen en bedreigingen van het middel en wat het wel of niet oplost in relatie tot menswaardig werk. “We moeten de mens terugbrengen in het werk.”

“Het skillspaspoort bevat niet alleen de competenties van mensen – dus wat ze kunnen – maar ook wat ze willen. Dat laatste is een hele belangrijke. Enkel en alleen matchen op wat mensen kunnen, werkt niet. Mensen moeten het ook nog leuk vinden, wil het een succes worden”, stelt Ballafkih, lector Arbeid & Menselijk Kapitaal in Transitie aan de Hogeschool van Amsterdam, en projectleider van een grootschalig onderzoek naar het skillspaspoort dat in januari van dit jaar is gepubliceerd. Het onderzoek is een samenwerking van de Hogeschool van Amsterdam, Hogeschool Arnhem en Nijmegen, TNO en Hogeschool Saxion – gesubsidieerd door stichting Instituut Gak.

Het onderzoek moet bijdragen aan de discussie over het skills-denken op de arbeidsmarkt, matchen op basis van skills, het vastleggen en certificeren van skills en allocatie van human capital op de arbeidsmarkt. Ballafkih: “Als we het hebben over arbeid hebben we het meestal niet over de mensen die NIET werken, of mensen waarvan ‘we’ denken dat ze niet KUNNEN werken. Veel arbeidspotentieel blijft onbenut. Vandaar dat er is gekozen voor de term human capital, dat zowel gebruikt als ongebruikt human capital is.

Het gaat nu hartstikke goed met de economie, waardoor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt weer meer kans hebben op een baan, maar hoe lang blijft de situatie zo? De bovenkant van de arbeidsmarkt kan zich goed redden. Daar is in de organisatie ook al heel veel aandacht voor in de vorm van opleidingstrajecten en ontwikkelingstrajecten. Terwijl het voor de mensen die aan de onderkant zitten heel wat lastiger is om te bewegen op de arbeidsmarkt.”

Overheid: neem de lead en zorg samen met werkgevers, werknemers en het onderwijs voor ontwikkeling en bundeling van ideeën!

De ideale match

Het idee voor het onderzoek naar het skillspaspoort ontstond in 2015, toen mensen nog vrij lastig aan het werk kwamen. Het idee van skills inzichtelijk maken is niet nieuw, maar werd afgestoft. Het skillspaspoort helpt bij het inzichtelijk maken van de skills van mensen, waardoor de hoop is dat mensen die niet gekwalificeerd zijn voor een bepaald beroep toch een kans krijgen. Uit het rapport blijkt dat de meeste werkgevers, -nemers en opleiders het skillspaspoort zien zitten. “Het is een idee waar je bijna niet tegen kunt zijn, want wie is er nou tegen de ideale match? Alleen aan de uitwerking ervan zitten nogal wat haken en ogen. Die hebben we proberen op te schrijven in het rapport”, vertelt Ballafkih.

Zo zijn de initiatieven te versnipperd en is er nog altijd geen universeel woordenboek (al wordt hier wel aan gewerkt door onder meer UWV en TNO). Bovendien lopen de verwachtingen van de betrokken partijen sterk uiteen. Ballafkih: “De validatie en certificering van skills is complex en de validatiestandaarden en -normen voor matching zijn niet uniform. Daarnaast is er stevige prikkel nodig voor werknemers om het skillspaspoort continu bij te houden en vraagt het van werkgevers om een inbedding in de HR-praktijk. Verder is er onderzoek nodig naar dataportabiliteit, eigenaarschap, privacy en veiligheidsaspecten.”

Een ding is duidelijk na het lezen van het rapport: er is nog een lange, hobbelige weg te gaan. Toch dringt de Tweede Kamer in een motie van Judith Tielen (VVD) in december 2021 aan op een snelle ontwikkeling en implementatie van zo’n paspoort. Volgens Ballafkih moet er snel een partij opstaan die de ontwikkelverantwoordelijkheid neemt en alle ideeën stroomlijnt. “De overheid is in mijn ogen de meest aangewezen partij om dit op te pakken. Uit ons onderzoek blijkt dat ook veel werkgevers en werknemers de verantwoordelijkheid bij de overheid willen leggen. Dus overheid: neem de lead en zorg samen met werkgevers, werknemers en het onderwijs voor ontwikkeling en bundeling van ideeën! Als de basis niet goed geregeld wordt, komt dat skillspaspoort ook niet goed van de grond.”

Als het gaat om een betere fit dan helpt het skillspaspoort zeker. Maar veel van menswaardig werk zit in de arbeidsomstandigheden en -voorwaarden. Daar vind je niets over terug in dat paspoort.

Moreel verantwoordelijk

Als samenleving ben je eigenlijk moreel verantwoordelijk om na te denken over het digitaliseren van onze skills (kennen, kunnen en willen), stelt Ballafkih: “Op het moment dat je het laat liggen, gaan marktpartijen er mee aan de haal. En dan is de kans groot dat ze het commercieel uitbuiten door bijvoorbeeld data te verkopen. Als sommige commerciële partijen zich zouden committeren en zorgen dat competenties van mensen gevalideerd kunnen worden, dan heb je eigenlijk al een skillspaspoort. Ga over een jaar of tien maar eens tegen grote commerciële partijen opboksen als zij eenmaal het skills-denken via een skillspaspoort goed in de samenleving en de arbeidsmarkt hebben weten te zetten. We hebben allemaal gezien hoe dat met internetgiganten is gegaan.”

Het skillspaspoort speelt een beperkte rol bij het oplossen van problemen in relatie tot menswaardig werk. Als het gaat om een betere fit (wat wil je en kan je?) dan helpt het paspoort zeker. “Maar heel veel van menswaardig werk zit toch wel in de arbeidsomstandigheden en -voorwaarden. Daar vind je niets over terug in dat paspoort.”

Of het paspoort de kans vergroot van mensen met een achterstand tot de arbeidsmarkt hangt af van de economische cyclus. In slechte tijden zal het skillspaspoort een beperkte bijdrage leveren, verwacht de projectleider. “Werkgevers kiezen bij meerdere kandidaten hoogstwaarschijnlijk voor de best opgeleide. En arbeidsbeperkten vliegen er vaak als eerste uit bij economische malaise. Bovendien is het de vraag in welke mate zo’n paspoort helpt bij een aanhoudende krapte. Want als de nood hoog is zijn werkgevers meestal toch wel sneller geneigd om mensen die niet goed passen op een functie een kans te geven. Ik verwacht dat het effect van het paspoort samenhangt met de economische cyclus.” Lager opgeleide werkzoekenden zijn ook positief over het skillspaspoort. Zij zien het als manier om eindelijk te kunnen laten zien wat ze kunnen en makkelijker een baan te vinden of te switchen van baan of zelfs branche.

Een van de grootste bedreigingen voor de huidige arbeidsmarkt is de toegenomen intensivering en de centraliteit van betaald werk in ons leven.

Verandering tussen de oren

Volgens Ballafkih moet er bij veel werkgevers structureel iets veranderen tussen de oren in de manier waarop geselecteerd wordt, waarbij er meer gekeken wordt naar de arbeidscapaciteiten van mensen. “Maar dat is tegenwoordig niet hot en hip om te zeggen. Het moet vooral gaan om technologische gadgets, want dat is kennelijk innovatie. Terwijl het vooral draait om: hoe kijk je naar mensen en wat wil je als werkgever? Veel werkgevers zoeken meestal naar easy-way-out-solutions.”

Verder is het nog lang geen uitgemaakte zaak wie de opleiding gaat betalen als er (bij)scholing nodig is als er dankzij het paspoort een switch gemaakt kan worden naar een ander beroep. “Partijen wijzen allemaal naar elkaar als het gaat om leven lang leren. Het is al schemerig en het paspoort maakt dat niet beter. Er moet dus ook serieus nagedacht worden over verschillende systemen die gerelateerd zijn aan werk, inclusief het sociale systeem dat als vangnet dient.”

Een van de grootste bedreigingen voor de huidige arbeidsmarkt is de toegenomen intensivering en de centraliteit van betaald werk in ons leven. “Ons werk is intensief geworden en dat zal naar alle waarschijnlijkheid niet minder worden. Het staat centraal in ons leven, we dreigen ons daarin verliezen. Zo vergeten we onszelf te ontwikkelen ten gunste van de samenleving. Een leven lang ontwikkelen waarin niet alleen de arbeidsmarkt centraal staat zou ons kunnen helpen bij het creëren van soliditeit in onze samenleving, inclusief de arbeidsmarkt. Als we zo doorgaan schaadt het ons gevoel van welbevinden. Dat zien we nu al terug in de samenleving. Laten we de mens terugbrengen in het werk.”

Dit artikel is eerder verschenen op de website van lnnovatief in werk. “Vrij reizen over de arbeidsmarkt, een onderzoek naar het skillspaspoort” door Hafid Ballafkih, Jouke Post, Joost van Genabeek en Jos Sanders (2022) is hier als pdf te downloaden