Aangeboden door Driessen
Soms kom je er samen met een medewerker achter dat de huidige situatie binnen je organisatie niet meer werkt. De functie past niet meer, er is geen ruimte om te groeien, of er speelt een reorganisatie. Juist in dit soort situaties wordt goed werkgeverschap zichtbaar. Een van-werk-naar-werk-traject helpt je om medewerkers op een respectvolle manier te begeleiden naar ander werk. Maar wat houdt zo'n traject in, en hoe pak je het aan?
Mensium, onderdeel van Driessen, ondersteunt organisaties al jarenlang met mobiliteitsdienstverbanden en outplacementtrajecten. Vanuit die ervaring delen we hoe je zorgt voor een zorgvuldig, mensgericht en realistisch van-werk-naar-werk-traject.
Het is een begeleidingstraject waarbij een medewerker actief hulp krijgt bij het zoeken naar nieuw, passend werk. Het doel: een soepele overgang die recht doet aan de persoon én aan de organisatie. In meerdere cao’s binnen overheid, onderwijs en zorg is deze begeleiding verplicht of sterk gestimuleerd. Het past bij goed werkgeverschap en bij de verantwoordelijkheid om medewerkers duurzaam inzetbaar te houden, ook buiten de eigen organisatie.
Je start dit traject als een medewerker boventallig wordt of als de samenwerking structureel vastloopt. Dat kan komen door een reorganisatie, een gewijzigde functie of een langdurige mismatch. Soms ontstaat de behoefte aan verandering in goed overleg met elkaar.
Er zijn twee hoofdroutes in VWNW-begeleiding. Ze lijken op elkaar, maar verschillen sterk in wie welk risico draagt.
Bij een mobiliteitsdienstverband neemt een extern bureau het dienstverband over. Dat geeft de medewerker zekerheid en intensieve begeleiding. Voor de werkgever verdwijnt een groot deel van de risico’s: loondoorbetaling, begeleiding en herplaatsing zijn de verantwoordelijkheid van de mobiliteitspartner. Vooral bij langdurige spanningen of een moeizame situatie biedt dit rust voor alle betrokkenen.
Bij outplacement blijft de medewerker in dienst, of krijgt hij na einde dienstverband begeleiding van een extern bureau. Dit vraagt om een stabiele situatie en een medewerker die open staat voor een nieuwe stap. De werkgever houdt meer risico’s in eigen handen, denk aan ziekteverzuim of de kosten van bovenwettelijke WW, die bij eigen risicodragers fors kunnen oplopen.
De keuze bepaalt dus niet alleen de begeleiding, maar ook de financiële en juridische risico’s die je als organisatie draagt.
De verschillen in een oogopslag
| Onderdeel | Mobiliteitsdienstverband | Outplacement |
| Dienstverband | Overgenomen door extern bureau | Bij de werkgever of WW (inclusief bovenwettelijke WW, (indien eigen risicodrager) |
| Risico werkgever | Laag (bureau draagt verantwoordelijkheid) | Hoger (ziekte, kosten bovenwettelijke WW) |
| Kostenstructuur | Salaris + omrekenfactor | Vaste trajectprijs, maar onduidelijke en onzekere kosten bij WW |
Een van-werk-naar-werk-traject is een blijk van goed werkgeverschap, maar ook een verstandige zakelijke keuze. Want de alternatieve route, direct ontslag zonder begeleiding, is zelden goedkoper. Zonder begeleiding krijg je al snel te maken met:
Daarnaast ben je als werkgever vaak alsnog tijd, aandacht en managementcapaciteit kwijt aan een langdurige afronding van het dossier, zonder dat dit bijdraagt aan een constructieve oplossing. Een goed ingericht traject voorkomt veel van deze kosten. Je creëert een begeleide overgang in plaats van een juridisch eindpunt. Dat levert concrete voordelen op:
In veel gevallen is de totale investering zelfs lager dan de optelsom van transitievergoeding, wettelijke WW, bovenwettelijke WW, verzuimkosten en juridische kosten bij een regulier ontslagtraject.
Hoewel elk traject maatwerk is, kent de aanpak meestal een herkenbare structuur:
De intensiteit verschilt per route, maar het uitgangspunt blijft hetzelfde: perspectief bieden met duurzaam werkgeluk als uitgangspunt.
Bij een mobiliteitsdienstverband wordt de prijs berekend op basis van het brutosalaris van de medewerker, aangevuld met een omrekenfactor voor sociale premies, reserveringen en begeleiding. Je weet vooraf precies wat het kost.
Bij outplacement geldt doorgaans een vaste trajectprijs, gebaseerd op duur en intensiteit. Dat maakt het overzichtelijk, maar een deel van de risico’s blijft bij de organisatie.
De looptijd wordt meestal onderling afgestemd. In de praktijk zie je dat outplacementtrajecten tussen de 6 en 9 maanden duren, terwijl mobiliteitsdienstverbanden vaak tussen de 9 en 12 maanden lopen. Kortere trajecten zijn meestal te ambitieus; langere trajecten kunnen de urgentie ondermijnen zonder de kans op succes te vergroten.
Als de afgesproken periode eindigt zonder nieuwe baan, ontstaat in principe recht op WW. Een bovenwettelijke of nawettelijke uitkering geldt alleen als de cao of het organisatiebeleid dat bepaalt. Het doel van het traject is juist om werkloosheid te voorkomen, en in de praktijk lukt dat vaak. Zeker als je vroeg begint en de medewerker actief meedoet.
Dit artikel is geschreven door Inez van Poppel, klantadviseur bij Mensium (onderdeel van Driessen).
In onze podcastserie “Personeelspraat” bespreken experts de meest voorkomende HR-uitdagingen binnen organisaties. Of het nu gaat om werving, verzuim, of wet- en regelgeving, Wij delen waardevolle tips en inzichten om je verder te helpen.
Hoe schrijf je vacatures die werken? Hoe bereik je de juiste doelgroep? De arbeidsmarkt is sterk veranderd en het aantrekken van nieuwe mensen is een uitdaging geworden. Het simpelweg online publiceren van vacatures levert niet meer direct de juiste kandidaten op. Tijd dus om met recruitmentmarketing aan de slag te gaan. Download het whitepaper en ontdek in 5 stappen hoe je hiermee start.