Artikel
24 mrt '11
24 maart '11
2 min

Geslacht en opleidings­ni­veau bepalen inkomen

De inkomensverschillen tussen mannen en vrouwen en tussen hoog- en laagopgeleiden waren in 2009 aanzienlijk. Uit recent onderzoek van het CBS blijkt dat vrouwen bijna een kwart minder verdienen dan mannen voor hetzelfde aantal werkzame uren per week en is het persoonlijk inkomen van laagopgeleiden bijna twee keer zo laag als van een hoogopgeleide werknemer.  

Het verschil in inkomensniveau tussen mannen en vrouwen is volgens het CBS te verklaren doordat mannen doorgaans in leidinggevende functies en in beter betaalde sectoren werkzaam zijn. Vrouwen werken vaker in een deeltijdfunctie en ontvangen vanzelfsprekend een lager inkomen. Het salaris van vrouwen die fulltime werken ligt echter nog steeds een kwart lager dan van mannen die fulltime werken. Zelfs het gemiddeld hogere opleidingsniveau van vrouwen leidt niet tot een hoger inkomen.

Bijna een derde van de werkzame beroepsbevolking heeft een hbo- of universitaire opleiding gevolgd en wordt als hoogopgeleid aangemerkt. Ruim 25% van de werkzame beroepsbevolking heeft een mbo-opleiding of vier jaar een havo- of vwo-opleiding  gevolgd. De overige groep werknemers wordt aangemerkt als laagopgeleid. Waar de eerst benoemde groep van de beroepsbevolking in 2009 gemiddeld bijna 49 duizend euro per jaar verdienden, was dit bij laagopgeleiden 26 duizend euro. Laagopgeleiden verdienden dan ook bijna twee keer zo weinig als hoger opgeleiden. Opvallend is dat bij mannen, ongeacht het opleidingsniveau, het inkomen nog steeds hoger is dan dat van hun vrouwelijke collega’s.

Bronnen:
www.cbs.nl
www.nu.nl