Vanuit mijn ervaring zie ik dat iedereen wel ‘iets’ heeft waardoor je niet (altijd) optimaal kunt functioneren. Denk aan een jong gezin, mantelzorgtaken, de overgang of bijvoorbeeld een chronische aandoening. Als ik die laatste uitlicht dan laten cijfers vanuit CBS en VZ-info zien dat het aantal mensen met chronische aandoeningen, zoals hart- en vaatziekten, artrose, kanker of angststoornissen, fors toeneemt naarmate de leeftijd stijgt. Met een duidelijke versnelling vanaf ongeveer 45 jaar. Op deze leeftijd leeft bijna de helft van de mannen en ruim de helft van de vrouwen met één of meerdere chronische aandoeningen. Bij pensionering is dat voor driekwart van de mannen en zelfs meer dan acht op de tien vrouwen. Waarbij het goed is om te weten dat de impact op het dagelijks werk sterk verschilt per persoon.

Individuele werkafspraken maken is niet haalbaar

Het is daarom niet haalbaar om in een organisatie voor iedere persoon een unieke werkafspraak te maken die aansluit bij hun individuele inzetbaarheid. Dit zie ik in de praktijk wel vaak gebeuren, met overbelaste HR-professionals tot gevolg én honderden individuele afspraken die op de werkvloer voor meer verwarring dan gemak zorgen. Zonde, want het meeste verzuim is geen gevolg van een plotselinge gebeurtenis, maar een optelsom van persoonsgebonden en werkgerelateerde factoren.

Ik hoor werkgevers nog regelmatig praten over uitval in de context van individuele problemen van medewerkers. Wat mij betreft geen goede redenering, want als iedereen ‘iets’ heeft moet je een werkomgeving creëren waarin alle medewerkers naar vermogen kunnen werken. We moeten dus stoppen met het idee dat verzuim daalt en vitaliteit stijgt als we vooral het individu ‘beter’ maken door individuele afspraken. Voor een duurzame oplossing moeten we zorgen dat de werkomgeving vitaler wordt. Verzuimaanpak is hiermee een bedrijfsorganisatorisch vraagstuk geworden waarvoor een organisatiebrede afspraak nodig is.

Medewerkers kunnen meer dan je denkt

Medewerkers die ‘iets’ hebben kunnen overigens meer dan je denkt in een omgeving met een vitaal en veilig organisatieklimaat. Dat vraagt om leiderschap dat nabij is, om teams waarin het normaal is om grenzen te bespreken, de mogelijkheid om te stoppen met werkzaamheden die niet bijdragen aan je doelstellingen en om als organisatie te accepteren dat niet alles altijd op volle kracht kan gaan. Onderzoek laat zien dat, ongeacht wat iemand heeft, dezelfde factoren bepalend zijn voor goed functioneren: inzet vakmanschap, autonomie, regelruimte, herstelmomenten en het gevoel er niet alleen voor te staan.

De werkomgeving bepaalt dus in hoge mate of vitaal werken ook daadwerkelijk mogelijk is. De echte winst zit niet in het terugdringen van verzuimcijfers, maar in het versterken van je organisatie omdat werk dan weer klopt met wat iemand aankan.

Deze column is geschreven door Anouk ten Arve, Hoofd kennis en innovatie Vitaliteit Zorg en Welzijn bij PGGM en auteur van het boek ‘Zuurstof voor directeur-bestuurders’.