Het vitaliteitsbeleid van veel organisaties sluit niet meer aan op de realiteit van vandaag. Medewerkers werken langer door, de pensioenleeftijd stijgt en de gemiddelde leeftijd op de werkvloer neemt toe. Toch zijn veel vitaliteitsprogramma’s nog vooral ingericht op jongere medewerkers. Daardoor ontstaat een fysieke welzijnskloof die vaak pas zichtbaar wordt wanneer medewerkers uitvallen.

Terwijl organisaties volop investeren in duurzame inzetbaarheid, blijft één belangrijke vraag regelmatig onbeantwoord: is het huidige welzijnsaanbod ook passend voor medewerkers die nog tien, twaalf of zelfs vijftien jaar moeten doorwerken?

Deze whitepaper laat zien waarom vergrijzing niet alleen een demografische uitdaging is, maar ook een vitaliteitsvraagstuk. Organisaties die hier nu op inspelen, beperken verzuim, behouden waardevolle kennis en zorgen ervoor dat medewerkers gezond hun pensioen bereiken.

De uitdaging die steeds urgenter wordt

 Langer doorwerken is niet langer een vraagstuk voor de toekomst. De cijfers laten zien dat organisaties er vandaag al mee te maken hebben:

  • De AOW-leeftijd ligt vast op 67 jaar en stijgt naar 67 jaar en 3 maanden vanaf 2028.
  • In sectoren zoals zorg en welzijn is meer dan een kwart van de medewerkers inmiddels 55 jaar of ouder.
  • Oudere medewerkers vallen niet per se vaker uit, maar herstellen gemiddeld wel langer wanneer zij uitvallen.
  • De kosten van verzuim voor werkgevers stegen van €5,1 miljard in 2015 naar €8,3 miljard in 2023.

Voor HR-professionals betekent dit dat duurzame inzetbaarheid niet langer alleen draait om preventie, maar ook om het ondersteunen van medewerkers tijdens een steeds langere loopbaan.

Download gratis

In deze whitepaper ontdek je:

  • Waarom veel bestaande vitaliteitsprogramma’s onvoldoende aansluiten op een vergrijzende workforce.
  • Welke impact de stijgende pensioenleeftijd heeft op inzetbaarheid, verzuim en talentbehoud.
  • Waarom hersteltijd een belangrijkere indicator is dan verzuimfrequentie.
  • Hoe organisaties ervaren medewerkers langer gezond en productief kunnen houden.
  • Welke rol herstel, mobiliteit en cognitieve veerkracht spelen binnen modern vitaliteitsbeleid.
  • Praktische voorbeelden van welzijnsinitiatieven die aansluiten bij medewerkers van 55 jaar en ouder.
  • Drie concrete pijlers voor een toekomstbestendig vitaliteitsbeleid.
  • Vier kritische vragen waarmee HR direct kan beoordelen of het huidige beleid nog aansluit bij de werkelijkheid van morgen.

Inclusief praktische handvatten om de fysieke welzijnskloof te dichten en medewerkers gezond, gemotiveerd en inzetbaar te houden tot hun pensioen.

Download de whitepaper